Eric Leltz  RSS feed    

Online monitoring

Donderdag 26 augustus 2021

Eric Leltz
Onlangs kwam aan het licht dat het Openbaar Ministerie (OM) met het achterhalen van verdachten via het kentekenregistratiesysteem flink over de schreef gaat. Met een geavanceerd systeem van camera’s boven de Nederlandse snelwegen worden dagelijks miljoenen kentekens van auto’s geregistreerd. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld bewegingen van verdachte auto’s worden nagegaan, Dat dit van nut kan zijn bleek onlangs bij de snelle aanhouding van twee verdachten van de moord op Peter R. de Vries. Naast foto’s van kentekens worden echter ook foto’s van de auto’s gemaakt én van de inzittenden. Dit is aan de ene kant natuurlijk heel praktisch voor opsporingsdiensten maar omdat een wettelijke kader ontbreekt is het aan de andere kant ook strafbaar. Als zelfs het OM de wettelijke regelgeving niet kent of niet in acht neemt, staat haar geloofwaardigheid op het spel. Dat ook de gemeentelijke overheid nog een lesje te leren heeft als het gaat om online-monitoring en privacy bleek onlangs uit een onderzoek van de NHL Stenden Hogeschool en de Rijksuniversiteit Groningen. 

Uit dit onderzoek blijkt dat gemeenten op social media Facebook-groepen en Twitter-profielen in de gaten houden om zicht te krijgen op mogelijke ongeregeldheden als rellen en demonstraties. Een op de zes onderzochte gemeenten gingen zelfs zo ver dat ze zonder restricties gebruik maakte van gefingeerde Facebook-namen en nepaccounts. Ook werd Marktplaats afgestruind op zoek naar inwoners met bijverdiensten.

Als ambtenaren, buiten een wettelijk kader om, dit soort online onderzoeken doen liggen willekeur, positioneel machtsmisbruik en privacyschending op de loer. Daarnaast bestaat het gevaar dat persoonsgegevens worden gelekt. Ook zijn dit ernstige inbreuken op de rechten van inwoners die de bevoegdheden van gemeentes dan ook verre te boven gaan. Zelfs aan de politie en inlichtingendiensten is deze vorm van online-monitoring alleen onder strikte regelgeving voorbehouden.

Uit het onderzoek blijkt verder dat bij ongeveer eenderde van de onderzochte gemeenten geen functionaris gegevensbescherming is betrokken bij online-monitoring terwijl dat wettelijk wel verplicht is. De onwetendheid is groot want de ambtenaren waren zich er vaak niet van bewust dat ze de wet overtraden. Dat de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) niet inhoudelijk kon reageren op de resultaten van het onderzoek omdat “ze nog bezig zijn met een inventarisatie van online-monitoring” is veelzeggend. De slapende hond is nog maar net wakker geschrokken.

Je kunt er op wachten dat wanneer gegevens worden verzameld de wettelijke kaders op de proef worden gesteld en over de randen van het toelaatbare heen wordt gekeken. Alleen daarom al is het verstandig als gemeenten een begin maken met een intern gesprek over wat wel en niet mag. Daarbij dient vanzelfsprekend de huidige wetgeving als uitgangspunt. Vervolgens zullen de resultaten van de gesprekken hun weerslag moeten krijgen in de interne cultuur. Daarmee voorkom je dat een individuele ambtenaar zich achter zijn laptop een inspecteur Clouseau waant.

Vertrouwen

Dinsdag 22 juni 2021

Eric Leltz
Vertrouwen is in de politiek geen vanzelfsprekendheid. Daar hebben politici helaas zelf een groot aandeel in. Dat komt niet alleen omdat ze sjoemelen met declaraties, opdrachten aan vriendjes gunnen of ‘fake news’ uitkramen, het komt ook door hun achtergrond. Zo is de Tweede Kamer totaal geen afspiegeling van de samenleving. Het aandeel hoogopgeleiden is er 90%, in de samenleving is dit nauwelijks 40%. Een volksvertegenwoordiger die weinig overeenkomst met zijn achterban heeft wordt minder snel vertrouwd. Daarnaast hebben veel kamerleden geen andere werkervaring dan politieke zoals fractiemedewerker, politiek woordvoerder of assistent. Daardoor kennen ze het Haagse systeemwereldje op hun duimpje maar weten ze nauwelijks wat daar buiten, in de leefwereld van de ‘gewone’ man of vrouw, speelt. Maar ze beslissen daar wel over. Geen wonder dat een flink deel van de samenleving zich niet gehoord voelt en afhaakt.

Zou het lokaal beter zijn met dat vertrouwen? Daar lijkt het niet op als je een snelle globale blik op het nieuws werpt. Zie de gemeente Enschede die aan de hand van WiFi tracking bezoekers van de stad volgt, of gemeenten zoals Nijmegen, die het heel normaal vinden om met nepaccounts inwoners online in de gaten te houden. Zal dit beeld anders zijn als we inzoomen en iets gedetailleerder kijken? Nou, dat valt tegen. Neem ‘s-Hertogenbosch. Zoals bij iedere gemeente staat ook in ‘s-Hertogenbosch woningbouw hoog op de agenda. Een van de locaties voor inbreiding is het Annapark. Midden in dit park staat een appartementencomplex gepland. Als vanzelfsprekend wordt dit complex gegund aan de projectontwikkelaar die ooit als risico-investering een aangrenzend stuk bos heeft aangekocht waar toen en tot op de dag van vandaag, niet mag worden gebouwd. De omwonenden hebben protest aangetekend tegen de bebouwing. Gaandeweg werd hun relatie met de wethouder slechter en slechter omdat besluitvorming steeds werd uitgesteld, er werd teruggekomen op eerdere besluiten en er gewoonweg niet werd geluisterd. Uiteindelijk greep de gemeenteraad in en gaf de wethouder opdracht om opnieuw met de omwonenden om de tafel te gaan zitten onder begeleiding van een adviesbureau. Hoewel deze opdracht maar deels werd uitgevoerd lagen er uiteindelijk wel drie opties voor het park op tafel. Bij al deze opties is de projectontwikkelaar af van zijn risico-investering.

Wat bij de omwonenden een onprettig gevoel geeft is:

  • Het verengd denken. Er wordt gedacht in deelbelangen, de woningnood is het probleem. Daar moet alles voor wijken. Dat dit ten koste gaat van de groene ruimte lijkt minder relevant.
  • Het korte termijn denken. Het probleem van nu, woningnood, staat centraal. Of dit op de middellange termijn nieuwe problemen geeft wordt niet gezien of niet onderkend. 
  • De verwevenheid van de professionals uit de gemeente en de projectontwikkelaar. Zij komen elkaar op verschillende bouwplaatsen tegen waardoor hun relatie beter is dan die met de steeds wisselende inwonergroepen. Onderlinge een-tweetjes zijn dan snel gemaakt en zetten andere belanghebbenden buitenspel. Overigens, ook het adviesbureau doet vaker zaken met de gemeente dan met de inwoners.
  • De ondoorzichtige besluitvorming omdat bewust of onbewust niet alle kaarten open op tafel liggen.

Het is dus niet zo verrassend dat de omwonenden hun vertrouwen in ‘het stadhuis’ hebben verloren en ten einde raad andere wegen zijn gaan bewandelen zoals via een WOB-verzoek en de  ombudscommissie. 

Is dit exemplarisch voor de lokale politiek of hebben we het hier over een uitzondering? Het antwoord laat zich raden. In maart volgende jaar zijn er weer gemeenteraadsverkiezingen. Een nieuwe kans om met een schone lei te beginnen en het onderling vertrouwen echt serieus te nemen. Maar dan zal er wel een nieuwe generatie politici moeten aantreden.

Stil staan

Maandag 17 mei 2021

Eric Leltz
Laatst zag ik de oneliner ‘Als het leven een loopje met je neemt, sta je in elk geval niet stil’ van dichteres Merel Morre. In deze zin zit de impliciete gedachte dat stilstand niet goed is. Dat is wel een typisch neo-liberaal uitgangspunt waar beweging oftewel groei, de norm is omdat dit noodzakelijk is om het economisch bootje drijvende te houden. Het is juist goed om af en toe wél stil te staan bij de weg die is afgelegd en de weg die voor ligt. Of weg, eigenlijk is het een kruispunt waarbij je op ieder moment alle kanten op kunt. Dat stilstaan heet reflectie of bezinning. In hun persoonlijk leven doen veel mensen dit al, zou het ons, als maatschappij, ook niet sieren als we dat deden?

Afgelopen jaar stonden we stil. Noodgedwongen, dat wel, maar we stonden stil. Wat voor onmogelijk werd gehouden gebeurde: de economie moest pas op de plaats maken. Alle eerdere bezwaren om een stapje terug te doen, werden overstemd door een virus. Een mooi moment dus voor maatschappelijke reflectie. Hoe willen we verder? Blijven we zo omgaan met elkaar? En met de aarde? Maar de gegeven tijd wordt nauwelijks gebruikt voor reflectie. En kom niet aan met ‘daar is nu geen tijd voor’. Het is een attitude, toen we er wel tijd voor hadden deden we het ook niet. De overheid die hierin het voortouw of op zijn minst het goede voorbeeld zou kunnen nemen, heeft de handen vol aan crisismanagement en vaccinatiebeleid. Daarnaast probeert ze het oude autootje, dat een jaar geleden abrupt tot stilstand kwam, weer aan de praat te krijgen. Dus worden Fieldlabs georganiseerd. En daar laat dit kabinet enorme kansen liggen om een andere weg in te slaan.  

  • In plaats van vliegreizen naar verre oorden te organiseren had ze ook kunnen kiezen voor treinreizen naar mooie plekken dichterbij,
  • In plaats van massafeesten te organiseren had ze ook kunnen kiezen voor meerdere kleine feesten passend bij de specifieke lokatie,
  • In plaats van massa’s mensen uit de bol te laten gaan in een pretpark had ze ook kunnen kiezen voor kleinschalig vermaak in de wijk.

De korte termijn roep van ‘het volk’ was weer luider dan de stille duurzame wenk van de lange termijn. En onder druk van onzekere burgemeesters die geen raad weten met de handhaving blijkt het perspectief om terug te keren naar vroeger aanlokkelijker dan te werken aan een wereld waar we minder reizen, minder consumeren en tot andere eetpatronen komen. Als het kabinet haar rol niet pakt kan de gemeenteraad dit altijd nog wel doen. Gebruik de stilstand wél voor reflectie: wat voor gemeente wil je zijn? Is daar nog wel plaats voor massale feesten? Stem hier vervolgens je beleid met betrekking tot vergunningen, subsidiestromen en de ontwikkeling van kleinschalige groene gebieden, op af. Een deel van de inwoners is hier zeker gevoelig voor. Zie de terrassen die niet opengaan omdat de restauranthouders het onverantwoord vinden zolang sprake is van overvolle ziekenhuizen en stijgende besmettingen. Of luister naar de kritiek op het gedrag van de feestende massa op Koningsdag. 

Durf je nek uit te steken gemeenteraad en pak deze kans. Het wordt niet per definitie beter of slechter dan vroeger, maar het wordt wel anders. En daar kan de gemeenteraad een leidende rol in spelen. Dat is een lange en bochtige weg, maar ook een marathon begint met een eerste stap. 

De menselijke maat

Dinsdag 20 april 2021

Eric Leltz


Onlangs publiceerde de Rijksuniversiteit Groningen de resultaten van een onderzoek waaruit blijkt dat de gemeentelijke herindelingen de democratie uitholt. Deze herindelingen hebben namelijk gezorgd voor een lagere opkomst bij zowel de gemeenteraads- als de Tweede Kamer verkiezingen. Dit komt, volgens de onderzoekers, omdat als gevolg van de herindelingen grote samenwerkingsverbanden ontstaan waardoor de afstand tussen burgers en politiek wordt vergroot en de sociale norm om te stemmen afneemt.

Maar door deze samenwerkingsverbanden wordt de democratie ook nog op een andere manier uitgehold. Het gaat dan om ‘sturing’ en ‘verantwoording’. Volgens Bovens en Scheltema (1999) draait het bij ‘democratische legitimiteit’ om:

  1. kiesrecht voor burgers,
  2. democratische sturing waarbij vertegenwoordigende lichamen richting kunnen geven aan het overheidsoptreden.
  3. democratische verantwoording waarbij vertegenwoordigende lichamen in staat zijn om het overheidsoptreden te controleren.

Het Groningse onderzoek gaat met name over het eerste punt. 

Bezuinigingen

De decentralisaties gaan gepaard met bezuinigingen. En omdat lokale overheden binnen het gekorte budget niet de mogelijkheid hebben om de overgehevelde taken uit te voeren, zijn ze wel genoodzaakt om gezamenlijk met andere gemeenten op te trekken. De gedachte achter bezuinigen is dat dan efficiënter gewerkt moet worden. En wat is daar mis mee? Nou, heel veel. Want efficiënter werken wordt afgemeten aan geld en dat betekent ‘goedkoper’ werken. Maar dit wil niet zeggen dat het ook altijd kwalitatief ‘beter’ is voor de inwoners. Bovendien ontstaan zo dus brede samenwerkingsverbanden die de besluitvorming niet transparanter maken. Als steeds meer taken bovengemeentelijk worden georganiseerd maar de vertegenwoordigende democratie beperkt blijft tot het gemeentelijk niveau, gaat dit ten koste van de kwaliteit van de democratische besluitvorming. 

Hier wreekt zich het verschil tussen de leefwereld van de inwoners dicht bij de gemeenteraad waar ‘kwaliteit’ leidend is en de houtskool schetsen uit de systeemwereld van ambtelijk Den Haag waar ‘kwantiteit’, dat wat gemeten kan worden en dan het liefst ook nog in geld, leidend is. 

Gemeenteraadsleden maken zich hier ook zorgen over. Uit onderzoek van Raadslid.nu (2014) blijkt dat gemeenteraadsleden 

  • het gevoel hebben greep te verliezen op de taken die samen met andere gemeenten worden uitgevoerd,
  • overzicht missen welke taken waar worden uitgevoerd,
  • te weinig kennis hebben over zaken die regionaal spelen.

Hierdoor wordt te weinig betrokkenheid gevoeld en dit gaat dan weer ten koste van het tweede en derde punt van de ‘democratische legitimiteit’. 

Fundamenteel anders

We zullen de relatie met de inwoners fundamenteel anders moeten organiseren. Dan is het goed om weer terug te gaan naar waar het eigenlijk om gaat: het zo goed mogelijk faciliteren en ondersteunen van inwoners. En dat is wat anders dan het zo efficiënt mogelijk inrichten van bedrijfsprocessen waarbij het kostenaspect centraal staat. Met als resultaat dat de belangen van de overheid boven die van inwoners gaat. 

Maar anders organiseren gaat niet vanzelf. Terug naar de menselijke maat is niet eenvoudig als het huidige bekostigingssysteem gehandhaafd blijft en het zicht op de toekomst door de neo-liberale bril belemmerd wordt. Terug naar de menselijke maat vraagt een omslag in denken. Het draait niet alleen om de korte termijn van efficiency en ‘out of pocket’ kosten maar ook om de toekomstige baten van de investeringen van nu. En ja, het klopt. Deze baten zijn niet exact te meten. Maar dat hoeft ook niet, je hoeft er alleen maar in te geloven. Dat heet visie.

€200 miljoen

Vrijdag 05 maart 2021

Eric Leltz
Zo, het eerste jaar met Corona zit er op en het viel behoorlijk tegen. Bij de maatregelen die het kabinet nam, lag de nadruk sterk op het bestrijden van Corona en het voorkomen van overbelasting van de zorg. Hierdoor raakte de samenleving in toenemende mate ontwricht. Dit heeft geleid tot enorme nevenschade op sociaal, mentaal en economische vlak. Hier heeft het kabinet lang geen oog voor gehad. Ze was veel te druk met de korte termijn effecten van de pandemie. Deze eenzijdige blik werd nog eens versterkt door de samenstelling van het Outbreak Management Team. Hierin zitten vooral experts die heel veel weten over infectieziekten maar veel minder over de maatschappelijke effecten van de pandemie. In het begin van de crisis was deze eenzijdige focus misschien nog wel verdedigbaar maar het kabinet heeft hier veel te lang aan vastgehouden.

Het is hoog tijd voor een bredere visie waarbij meerdere belangen worden meegewogen. Maar geen nood, we lopen tegen verkiezingstijd en dus worden er door het kabinet cadeautjes uitgedeeld. Het komt dan heel goed uit dat ditzelfde kabinet blind was voor het sociale- en mentale welzijn van haar inwoners. Nu kan ze daar genereus €200 miljoen voor beschikbaar stellen. Een groot deel van dit bedrag gaat via gemeenten naar lokale initiatieven. Hierbij zal vooral worden gekeken naar bestaande activiteiten die zich hebben bewezen. En daar zit een gevaar.

Omdat het water veel mensen aan de lippen staat is het zeer aanlokkelijk om het geld te steken in het verzachten van deze pijn. En het is ook goed als bijvoorbeeld steun wordt gegeven aan initiatieven die eenzaamheid tegengaan, die mensen zinvol door de dag leiden en die leerachterstanden wegwerken. Maar een deel van het geld zal ook besteed moeten worden aan nieuwe initiatieven waarvan de resultaten pas op de lange termijn zichtbaar worden. Het gaat dan om het versterken van de mentale weerbaarheid, het leren benadrukken van positieve emoties zodat mensen perspectief zien, een gerichtheid op preventie, het komen tot een andere leefstijl, het bevorderen van een gezonder leven en het vinden van een balans tussen thuiswerken en privé.

Corona blijkt een ‘gamechanger’. Het heeft wat sluimerend aanwezig was tastbaar gemaakt: ongelijkheid, een onzekere arbeidsmarkt, onderwaardering van essentiële beroepen, de kwetsbare kant van globalisering en onze omgang met dieren. Corona is daarnaast geen tijdelijke kwestie, er komt geen leven na Corona. We moeten ons voorbereiden op een toekomst waarin Corona deel uitmaakt van ons leven inclusief beklemmende maatregelen. Hier ligt voor gemeenten een geweldige uitdaging.

Archief



Rubrieken